Oogsten

De honing is rijp om te oogsten als minstens tweederde van de honingraat is gevuld met honing en is verzegeld (met een waslaagje). Tijdens het oogsten haalt de imker de houten raampjes waarin de honingraten zijn gebouwd snel maar met zorg uit de kast en worden eventuele achtergebleven bijen voorzichtig met een bijenveger verwijderd.

Ontzegelvork
De raten worden in een afgesloten ruimte ontzegeld met een ontzegelvork of –mes. De imker laat de vrijgekomen ontzegelwas uitlekken.

Honing slingeren
Daarna wordt de honing geslingerd: de raampjes met ontzegelde raten worden in een slinger geplaatst (een soort centrifuge) en door de ronddraaiende beweging wordt de honing uit het de raten geslingerd (gecentrifugeerd). De honing wordt nog een keer gezeefd en opgeslagen.

Webdesign & realisatie door Perron 18